Een belangrijk wapen in de wereldwijde bestrijding van de uitstoot van broeikasgassen is het Kyoto protocol, dat in werking trad op 16 februari 2005. In dit belangrijke akkoord kwamen de belangrijkste industrielanden overeen om de uitstoot van broeikasgassen in de periode 2008-2012 met gemiddeld 5 % te verminderen ten opzichte van het niveau in 1990. Volgens veel wetenschappers is dat nog veel te weinig, maar het is alvast een eerste waardevolle stap.
Hoe werkt het?
Het Kyoto protocol legt elk land een eigen reductiepercentage op, op maat van ondermeer de economische kracht. Zo moeten de Verenigde Staten hun uitstoot met 7 % verminderen, Japan met 6 % en Europa met 8 %. Binnen de Europese Unie kreeg elke lidstaat nog eens een eigen percentage opgelegd. Duitsland en Denemarken moeten bijvoorbeeld tot 21 % minder broeikasgassen gaan uitstoten. België moet werken aan een vermindering van 7,5 %.
Het resultaat?
Ondanks het belang ervan is het Kyoto protocol onvoldoende om het broeikaseffect te bedwingen. Dat bleek uit nieuwe studies en evaluaties. Het Kyoto protocol blijkt slechts een eerste bescheiden stap om de uitstoot van broeikasgassen tegen te gaan. Volgens wetenschappers zal het broeikaseffect binnen afzienbare tijd immers het punt bereiken waarop het niet meer omkeerbaar is. Krachtige maatregelen dringen zich dus meer dan ooit op.